Caravan Day!
De volgende ochtend is het huis van Grigori zeer chaotisch. Nínimeth weet uit de opgevangen flarden van gesprekken af te leiden dat het vandaag Caravan Day is – wat dat ook moge zijn – en dat iedereen daarom zo opgewonden is. Caravan Day blijkt, na verder luisteren aan het ontbijt, een dag te zijn waarop de karavaan uit het noorden naar Valholt komt om op de markt hun waren te verkopen. Daar zitten vaak bijzondere voorwerpen tussen en spullen die hier in het zuiden niet te krijgen zijn.
Elders en leerlingen van Elders kennende, besluit de elf eerst Darannis in het laboratorium zijn ontbijt te brengen. Hij is druk bezig de staf, die op een tafel ligt, te bestuderen, maar onderbreekt zijn werk graag voor iets te eten. Hij weet te vertellen dat de voortgang nogal traag is, en zou graag wat meer magische voorwerpen van de Vuurdynastie willen hebben zodat hij hun soort magie kan vergelijken. Hij denkt dat zijn onderzoek dan wat sneller zal gaan.
Nínimeth belooft een manier te vinden om hem meer voorwerpen te bezorgen, en gaat weer naar boven, waar Grigori net een boodschappenlijstje (de eye of newt is weer op) aan Taryn de bard mee geeft. Hij stelt ook voor de elf op sleeptouw te nemen, zodat die ook een keer Caravan Day meemaakt. Nínimeth, die hoopt dat er dan misschien ook voorwerpen uit de Vuurdynastie tussen zullen zitten, vindt het best.
Steden zijn duidelijk drukker
Nínimeth verbaast zich over de enorme hoeveelheid mensen (en andere wezens) die ze op de markt aantreffen. Thuis is ze hoogstens eens in het dorp aan de rand van het bos geweest, waar dan ook wel markt is, maar hier in Valholt hebben ze bij meer dan één kraampje hetzelfde voorwerp te koop staan. Bovendien moet ze zich heel erg klein maken om nog tussen de mensen door te kunnen. De valk besluit dat op de schouder van zijn oppas zitten niet meer leuk is, en zweeft wat boven de twee mee waar hij alle ruimte heeft.
Taryn koopt niet bij de eerste kraam die ze zien eye of newt – te duur, zegt ze – maar kiest uiteindelijk een andere verkoper uit: Theobold de gnome, “The way real men do it!”
Ook haalt de bard de elf over om een nieuw hide armor aan te schaffen, want wat ze nu aanheeft “valt te veel op”, beweert ze met een keurende uitdrukking. Een beetje plattelands, begrijpt Nínimeth. Dus wordt er een wat beter afgewerkt armor van dezelfde kwaliteit aangeschaft.
Intussen is El’ran de dragonborn pakezel aan het spelen voor de Eladrin waar hij logeert. Deze weet steeds meer dingen te kopen en stapelt ze enthousiast op zijn grote groene vriend zonder af te remmen. Wanneer ze langs een kraam komen waar de verkoper voor de sier zijn grote dragonborn vormige golem uit de winkel heeft gesleept, beweegt de golem ineens zijn kop om El’ran te volgen.
El’ran ruikt onraad en wil doorlopen, maar de golem komt achter hem aan met duidelijk vijandige bedoelingen. De mage van wie de golem is komt er achteraan en probeert samen met zijn twee assistenten de golem weer onder controle te krijgen, maar omdat het ding het nog nooit gedaan heeft hebben ze geen flauw idee wat ze moeten nu hij ineens wel actief is.
Een grote vuurbal vanuit het publiek – dat zich snel uit de voeten maakt – schiet richting golem, maar doodt helaas in één klap een van de mage zijn assistenten die in de weg stond. El’ran en de golem banen zich een weg door verschillende kraampjes, terwijl de dragonborn probeert vooral niet meteen in gevecht te raken.
Bharhash, die zich stiekem erg schaamt voor het raken van de assistent, schiet El’ran alsnog te hulp en ook Taryn en Nínimeth komen op het lawaai af. Met zijn vieren weten ze uiteindelijk de golem in stukken te krijgen, maar inmiddels is de halve markt overhoop. De stadswacht komt ook aan op het plein, waar ze vooral te maken krijgen met de vraag “wie gaat mijn spullen nu betalen” van alle gedupeerde verkopers. De guard lieutenant besluit dat de schuld op de eigenaar van de golem valt, en de mage is dus niet blij. De dode assistent wordt opgeruimd.
De Eladrin waar El’ran voor lijkt te werken stapelt intussen al zijn spullen weer op zijn dragonborn en neemt hem mee naar huis om daar alle nieuw gekochte dingen op te kunnen ruimen. Bharhash verdwijnt ook om zich met zijn eigen zaken te bemoeien.
Taryn neemt Nínimeth mee voor de lunch, waarna ze de pot met eye of newt terug gaan brengen naar Grigori. Taryn vertelt dat de echte karavaan pas ’s middags komt, waarop Nínimeth zich weer verbaast over het feit dat het dus nóg drukker kan worden in Valholt.
Hun eer is beledigd! Alweer!
Grigori is wel tevreden met de kwaliteit van de eye of newt, maar niet met de hoeveelheid. Hij zegt dat dit hem maar een dag of drie vooruit helpt, en stuurt de twee dus terug met de opdracht meer te halen, waarop ze weer teruggaan naar Theobold (“The way real men do it!&rdquo
. Daar aangekomen zien ze hun groengeschubde grote vriend El’ran een heel varken (nog aan het spit) oppeuzelen terwijl hij wat rondhangt. De valk gaat op zijn kop zitten en smeekt om ook wat vlees, maar gelukkig luistert hij wel als Nínimeth hem vraagt van de duidelijk geagiteerde dragonborn af te komen.
Wanneer Taryn een enorme kist eye of newt heeft veilig gesteld meldt ook Bharhash zich weer, die vervolgens aanbiedt de kist dan maar te dragen omdat de andere twee te klein zijn en El’ran het te druk heeft met zijn hele varken.
Plotseling klinken er explosies vanaf het midden van het marktplein, en er zijn rookwolken te zien als men die kant op kijkt. De vier zijn nieuwsgierig naar wat er dan nu weer aan de hand is, en begeven zich snel naar het mogelijke gevaar. Eenmaal aangekomen zien ze dat er twee mages ruzie aan het maken zijn. Eén van hen is een roodharige mens die erg kwaad kijkt. De ander is een dragonborn die zich vooral lijkt te verdedigen.
Nínimeth, die thuis uiteindelijk haar vader op zal volgen als hoofd van de wacht, verspilt geen tijd en duikt op de roodharige mage, waardoor ze beiden tegen de stenen kwakken. Terwijl Bharhash wegrent om de wacht te roepen volgt El’ran het voorbeeld van de elf en grijpt de dragonborn mage. Taryn gaat tussenbeide staan en vraagt streng wat er nu aan de hand is. De twee willen eerst niet luisteren en schreeuwen vooral door elkaar heen, maar uiteindelijk weet de bard ze wat te kalmeren. Beide mages beweren dat de ander hun eer beledigd heeft en dat ze daarom nu ruzie hebben.
Bharhash heeft de guard lieutenant van eerder meegenomen en vraagt wat er hier aan de hand is.
“Hun eer is beledigd, meneer,” weet Taryn te vertellen.
De lieutenant zucht, rolt nog net niet met zijn ogen en draagt zijn mannen op om de twee mee te nemen en op te sluiten zodat ze over hun daden na kunnen denken. Vervolgens raadt hij de vier vrienden streng aan dat hoewel ze nu behulpzaam lijken te zijn, hij niet wil dat ze onnodig herrie gaan schoppen. Daarna vertrekt hij.
Die karavaan... komt die nog?
Twee uur na de middag is de karavaan uit het noorden nog steeds niet aangekomen, hoewel Taryn en Bharhash hen verzekeren dat hij er al lang had moeten zijn. Net als ze besluiten nog heel even af te wachten – ze willen tenslotte geen problemen met de lieutenant – komt er een gehavend persoon het marktplein op rennen. “De karavaan is aangevallen! Iedereen is dood!”
Meteen ontstaat er een soort bedrijvigheid op de markt. Nínimeth merkt op dat er een aantal ongure types onopvallend de markt af proberen te lopen, en Taryn en Bharhash weten dat dit waarschijnlijk leden van de White Knight Adventure Guild zijn: een slechte schuilnaam voor het dievengilde. Ze vermoeden dat deze dus zo snel mogelijk de buit van de karavaan voor zichzelf zullen gaan claimen. Intussen zijn de soldaten zich ook aan het organiseren om een kijkje te gaan nemen.
Nínimeth en Taryn, die oorspronkelijk al de karavaan wilden bezoeken om magische voorwerpen van de Vuurdynastie voor Darannis te verkrijgen, vinden dat ze nu heel erg moeten opschieten om er eerder te zijn dan de rest. Taryn weet echter dat het nog wel een tijdje zal duren voor die andere groeperingen goed georaniseerd zijn, en ze nemen een kortere weg.
Op de weg ernaartoe ziet Nínimeth een hinderlaag liggen van drie bandieten met zwarte cloaks met een grijze hamer erop. Met zijn vieren rekenen ze snel met de aanvallers af nu het verrassingselement weg is.
Eenmaal op de plaats van de aanval aangekomen zien ze dat de soldaten uit de stad er ook al zijn, maar het enige dat er te vinden is zijn een boel lijken. De lading is verdwenen. Er is een spoor te zien van de versleepte kisten en balen, en dat volgen ze naar een grote grot. Voor de grot staan de White Knights met de guards te ruziën wie er naar binnen gaat. Er is al snel te zien waarom ze aarzelen: in de grot is alleen maar een dichte mist te zien.
Nínimeth, die nog nooit heeft geleerd ontzag te hebben voor dingen als magische mist, gaat voorzichtig de grot in terwijl de anderen nog proberen te beslissen wat ze gaan doen. Omdat de elf er al vandoor gaat, besluit de rest te volgen. De ruziënde groepen laten ze buiten achter.
Vlakbij wordt gefluisterd: “Ssst, daar komen ze!” waarop Nínimeth naar de anderen gebaart dat er een aantal mensen recht voor hen zitten te wachten. Zodoende is ook dat verrassingselement weer verdwenen, ook al zien ze nog niet erg veel. Na voorzichtig wat stappen verder te hebben gezet, kunnen ze een paar bandieten in de mist onderscheiden. Er wordt vrij snel met ze afgerekend, en uiteindelijk ook met de irritante mage die afwisselend ijs en donkere rook op de vier afvuurt. Hij staat achter een groot hek, maar met een goed gemikt schot van Nínimeths boog is de hendel aan de andere kant te raken, waarna het hek netjes openschuift.
Aan het eind van de gang vinden ze de lading van de karavaan. De valk wordt opgedragen rond te blijven vliegen en te waarschuwen als hij iets hoort of ziet aankomen, ook al is de mist er nog steeds. Na even tussen de kisten gezocht te hebben, ontdekt Taryn een kist vol met spullen die van de Vuurdynastie waren. El’ran lijkt geïnteresseerd in drie dikke boeken, die vooral dagboeken lijken te zijn. Nínimeth wil ze wel voor hem dragen. Taryn heeft inmiddels twee voorwerpen als magisch geïdentificeerd: een klein apparaatje dat een vlam kan maken, en een grote kitscherige vaas.
Voor ze kunnen omdraaien om weer naar buiten te gaan, vliegt er uit de mist rechts van hen een pijl op ze af. Gelukkig zien hun belagers ook niet veel in de mist en wordt er dus niemand geraakt. El’ran stormt kwaad de trap op, waar hij tegen een man in een zwaar harnas op botst. Achter hem staan vier boogschutters.
Er wordt vrij snel en efficiënt met de vijf afgerekend (mede dankzij de vuurballen van Bharhash) en daarna besloten om ook de andere kant van de grot volledig te verkennen voor ze besluiten weer te vertrekken.
De andere helft van de grot zit vol met een nog veel dichtere mist, en met El’ran voorop schuifelen ze voorzichtig verder, hard hopend dat er niet iets groots en monsterlijks in de mist verstopt zit.
Helaas, pindakaas
Dat zit er dus wel.
Nínimeth waarschuwt El’ran wanneer ze een grote schaduw net naast hem ziet grijpen, en El’ran reageert zoals zijn instinct hem ingeeft: hij stormt er keihard op af. Taryn weet later te vertellen dat dit een mourning haunt is: de geest van een persoon op de Natural plane waar een wezen van een andere plane aan vast gehecht is, waardoor het dus een stukje meer solide is dan alleen maar een spook. Wat het ook is, het is groot en pijnlijk.
Na een lang gevecht met een aantal angstige momenten omdat het geval ook nog eens blijkt te kunnen teleporteren, weten ze het ding te doden. Tenminste, dat hopen ze, want na de laatste klap van El’ran lost het monster op en verschijnt niet meer. De mist lost ook geleidelijk aan op.
Nu ze zeker weten dat de grot vrij is van gevaar nemen ze hun voorwerpen mee naar buiten (zonder dit te laten zien aan de wachters natuurlijk) en melden aan de aanvoerder dat de kust veilig is en alle spullen van de karavaan binnen te vinden zijn.
De aanvoerder – een half elf - stelt zich voor als lieutenant Auri en bedankt hen, waarna hij zijn mannen de grot in stuurt. De White Knights lijken te zijn afgedropen of weggejaagd.
Hee, we deden wat nuttigs!
Terug in Valholt presenteren ze de voorwerpen aan Grigori en Darannis. Grigori mag met enige overreding de boeken bekijken die El’ran mee heeft genomen, maar lijkt hier niets interessants in te kunnen ontdekken.
Darannis denkt dat deze voorwerpen hem zeker kunnen helpen om sneller achter een oplossing voor de mysterieuze ziekte in het elfenbos te kunnen komen. Hij weet te vertellen dat het kleine ding dat een vlam kan maken gebruikt werd om bijvoorbeeld open haarden of kaarsen aan te steken. De vaas is gewoon een lelijke vaas die toevallig magische krachten lijkt te hebben, maar het nut ervan ontgaat iedereen.
Bharhash vraagt Grigori om hen een rondleiding door het huis te geven, en Grigori vertelt onderweg iets over zijn onderzoek. Hij is bezig een manier te vinden om tiefling magie (die in essentie kwade magie is) zodanig te gebruiken dat het op de goede manier kan... dus zonder eerst een duivel op te hoeven roepen en dergelijke.
Ook wordt wederom iedereen uitgenodigd om te blijven logeren, omdat Grigori nu eenmaal dol lijkt te zijn op gasten.
Bharhash verdwijnt die avond om een bericht ergens achter te gaan laten, maar waar en waarom is de rest onbekend...
De kopjes zijn van mij zodat het overzichtelijker is

"
